The Land of Fire, en hoe Marije gedeporteerd werd uit Azerbeidzjan

Een bezoekje aan Baku voelt af en toe als een uitstapje aan de 22ste eeuw. Het beste wat oliegeld kan kopen leidt tot interactieve displays waar de meeste westerse musea een puntje aan kunnen zuigen en digitale projecties waarvan ik nog niet wist dat ze al mogelijk waren. Boven Baku torenen de Flame Towers uit, die ’s nachts oplichten in realistische vlammen, gigantische voetballers of een wapperende Azerbeidjaanse vlag.

Baku Flame Towers

Baku Flame Towers

Heel Baku is voorzien van enkelbrekend hoge stoepranden zodat de Maserati’s en Landrovers van de oliegelddynastieën de stoep aanvegende, in schort gehulde baboesjka’s niet van de sokken kunnen rijden. En alles, maar dan werkelijk alles, is hier vernoemd naar oud-president (& oud-KGBer) Heydar Aliyev; straten, boulevards, centra, pleinen, musea, parken en natuurlijk het vliegveld. Maar goed, de man heeft dan ook 23 jaar over het land geregeerd, daar staat blijkbaar wat tegenover. Zijn kleindochter heeft hier een voorbeeld aan genomen, want zij staat namelijk, aanzienlijk gephotoshopt, op alle plastic zakken.

Tapijt met olieboorplatform, want waarom niet?

Tapijt met olieboorplatform, want waarom niet?

Verlaat je Baku echter dan word je keihard terug in de tijd gegooid. Met een krakkemikkige Sovjetbus rijden we naar Yanar Dag, waar 10 meter aan vlammen de olierijke grond uitschieten. Dit middenin een woestijnlandschap bespikkeld met ja-knikkers, fabrieken en door de zon witgebleekte Heydar Aliyev-borden, waarop alleen nog de ogen, neusgaten en mond van de vader des vaderlands in een grimmige uitdrukking terug staren. Hier en daar waait zijn kleindochter langs de kant van de weg.

Yanar Dag

Yanar Dag

Men leeft in Azerbeidzjan achter een glanzend gepoetste façade, die de rauwe werkelijkheid voor de buren verhult. De vrienden die ik in Azerbeidzjan opzoek werken voor een internationaal bedrijf en worden naar Sovjetstandaarden vertroeteld: grote appartementen met hoge plafonds, rood pluche stoelen, kroonluchters, houten vloeren en kunstig weggewerkte kachels. De instructies die ik krijg lichten echter direct het tipje van de Sovjetsluier op: “Draai de kraan in de keuken niet van de ene wasbak naar de andere, want dan laat de afvoerpijp los, als het vreemd ruikt in de badkamer dan is dat omdat daar de afvoer van de keuken heen gaat, als de elektriciteit afslaat, bel ons, want dat moet je zelf niet willen fixen en o, je hebt gelukt want het plafond van de badkamer staat inmiddels niet meer onder stroom.” De Sovjetgrandeur houdt overigens op bij de voordeur, waar de afgebrokkelde betonnen treden zonder enig waarneembare vorm van ondersteuning door een slecht verlichte hal naar de verkeerd genummerde voordeur leiden. Veel van de Sovjetpraalpaleizen die ik tijdens mijn vakantie bezoek hebben losliggende marmeren tegels en het prachtige mausoleum van de grootste dichter van Azerbeidzjan is gelegen boven een vierbaans snelweg.

Nizami mausoleum

Nizami mausoleum

Eigenlijk zijn er in Azerbeidzjan buiten de hoofdstad niet zo heel veel bezienswaardigheden, maar het land als geheel voelt alsof je door een gigantisch openluchtmuseum rondloopt met als thema de USSR in de jaren 80. Overal zijn er Sovjetmonumenten, kolossen van Sovjetflatgebouwen, Sovjetbussen, winkels met buitenmatig veel personeel, verroeste attractieparken, en muziek, posters, kleding en haarstijlen die rechtstreeks uit dat decennium geïmporteerd lijken te zijn. In Zaqatala verblijven wij in een Sovjethotel van hout en marmer waar de verwarming uniform zo hoog staat dat je met het raam open moet slapen en kijken we een in Azeri nagesynchroniseerde Elvisfilm. Azeri’s lijken zich daarom niet te kunnen voorstellen dat je als toerist ergens anders dan in de hoofdstad zou willen zijn en in de buurt van elk busstation worden we door de taxichauffeurs nageroepen met de uitnodiging: “Baku, Baku!”

Sovjet pretpark

Sovjet pretpark

Hoe verder je je verwijdert van de hoofdstad, hoe verder terug in de tijd je lijkt te gaan. Schaapherders voeren langs de weg hun beroep uit en in elk dorp lopen de koeien, paarden en ganzen gewoon midden over straat. Overal waar we komen verzamelt men in grote zakken de walnoten, tamme kastanjes en hazelnoten voor de komende winter. Zelfs in Azerbeidzjaanse parken zitten de oude mannetjes niet op de bankjes, maar in de bomen om de walnoten eruit te slaan. Ooit wel eens een bezoekje willen brengen aan een kolchoz uit de jaren 60? Bezoek dan een van de daadwerkelijk laatste kolchozen op deze planeet, Ivanovka, waar vrouwen met onder de kin geknoopte hoofddoekjes en mannen met landbouwwerktuigen over de schouder hun eigen graan, groenten en druiven verbouwen. Ook Ivanovka is goed vertegenwoordigd op het gebied van Sovjetmonumenten, kent alleen zandwegen en ja, iedereen rijdt er in een Lada. Een pot honing en een zak walnoten rijker vervolgen wij onze reis naar het westen des lands, waar ik inmiddels helemaal in de oogststemming ben gekomen en pruimen, bramen, hazelnoten, druiven en walnoten van bomen en struiken eet. Het lokale water was helaas een stap te ver en vervolgens moet ik met mijn maag vullen weer van voren af aan beginnen.

Tezi markt

Tezi markt

Door een enigszins slechte voorbereiding was ik in de veronderstelling dat men in Azerbeidzjan geen Russisch sprak. Volledig onverwacht werd ik vervolgens ondergedompeld in een emmer Russisch ijswater toen bleek dat het grootste deel van de mensen boven de 30 de taal in meer of mindere mate machtig is. Me voelend alsof ik op een rijdende trein moet springen zoek ik wanhopig de dagen van de week, de namen van kleuren en het woord voor groente in mijn hoofd terug. Gelukkig begrijpt een groot deel van mijn gesprekspartners wat mijn taalniveau is en spreekt rustig, met simpele woorden, synoniemen zoekend waar nodig, en snapt dat het niet handig is om midden in de zin van onderwerp te veranderen. En dan heb je taxichauffeurs als Alexey, die een spervuur van vragen op mij afvuurt, telkens met een tik op mijn knie de aandacht erbij wil houden, continu nieuwe onderwerpen introduceert, mij ondertussen nog even wat Azeri wil leren en zijn stemniveau gedurende de 4 uur durende taxirit telkens een stukje omhoog schroeft tot hij letterlijk aan het schreeuwen is in de hoop dat ik het dan wel begrijp. Met als gevolg dat na 2 weken Azerbeidzjan mijn Russisch een stuk beter is dan na Georgië en Armenië.

Sovjetmonument

Random Sovjetmonument

In Azerbeidzjan kan je je rijbewijs kopen, en dat valt te merken aan de vaardigheden van sommige chauffeurs. Na twee weken marshrutka-busjes en taxi’s heb ik vastgesteld dat de rijvaardigheid van de chauffeur in kwestie direct gerelateerd is aan het aantal barsten in zijn voorruit. Aangezien óók de dokters in dit land hun diploma gewoon kopen selecteer je je chauffeur dan ook op basis van zijn voorruit. Ik heb bij heel wat chauffeurs in de auto gezeten, over een groot deel van de wereld, maar in Azerbeidzjan heb ik twee primeurs meegemaakt: Een chauffeur waarvoor de wegwerkers weg moesten springen en een chauffeur die zo slecht was dat ik ben uitgestapt. Niet helemaal toevallig was dit ook de eerste keer dat ik me in het Russisch (dank Alexey!) heb kwaadgemaakt. Deze marshrutka-chauffeur in kwestie had, niet wonderbaarlijk, maximaal 20 cm ongebarsten ruit in elke richting en remde alleen voor vee, terwijl hij al smsend en bellend zijn tegenliggers van de weg af probeerde te drukken. Vreemd genoeg eindigde dit avontuur niet in het scenario: Marije staat ergens in de middle of nowhere langs de kant van de weg, maar in een chauffeursruil waarbij de bijrijder achter het stuur plaatsnam. Mijn buurvrouw in het busje, zonder tanden maar met klein kind, bleek het gelukkig volledig met mij eens te zijn.

Ivanovka

Ivanovka

Van de 22ste eeuw, via de jaren 80 en 60, doorreizen naar de Middeleeuwen kan, en daarvoor kun je terecht in Sheki. In deze stad, waar de toeristen de bezienswaardigheid zijn, bestaan nog Karavanserai, overnachtingsplekken voor de handelskaravanen van de zijderoute, met de gaten voor het vastbinden van de kamelen nog in de muur. Rondom een grote binnenplaats bevinden zich van natuursteen gemaakte langwerpige cellen met een gewelfd bakstenen dak en de meest aftandse badkamer die ik ooit heb gezien. Met gloeiend heet water, dat dan weer wel. Ook de bedbeestjes lijken de eeuwen overleefd te hebben, om al kriebelend het authentieke karavanseraigevoel compleet te maken. De mensen doen overigens in Azerbeidzjan vaak ook Middeleeuws aan; iedereen is erg klein, veel mensen lopen rond met ernstige been- of oogproblematiek en de kerkhoven met in marmer gebeitelde gezichten liggen vol met mensen die niet ouder zijn geworden dan vijftig. Al kan dat ook weer iets te maken hebben met het feit dat veel van hun dokters hun medische graad hadden ingekocht. Ook goede tandartsen lijken dun gezaaid. Als ik mijn tanden bloot lach weet ik niet of ik me moet generen voor het feit dat ik nog in het bezit ben van een volledig gebit of voor het feit dat ik geen gouden tanden bezit, wat in Azerbeidzjan eerder regel dan uitzondering lijkt.

Karavanserai in Sheki

Karavanserai in Sheki

Na twee weken rondreizen moet ik concluderen dat het meer de mensen zijn dan het land zelf. Van alle drie de Kaukasuslanden is Azerbeidzjan het meest gastvrij; iedereen maakt uit zichzelf een praatje met je, van rijke Azeri op vakantie tot oud vrouwtje in de bus. In de overvolle, aftandse marshrutka-busjes doet iedereen zijn best om elkaar de ruimte te geven en staat men meteen op voor oudere medepassagiers. En in welke eeuw je je op dat moment ook lijkt te bevinden, je krijgt van alles toegestopt, van baklava tot een pakje tissues. In een klein dorpje waar men nog leeft alsof de Renaissance niet heeft plaatsgevonden worden we gespot door een beschorte, gehoofddoekte Sovjetmatrone die mij handenvol tamme kastanjes toestopt en terloops demonstreert dat gouden tanden niet gebruikt worden voor het openen hiervan. Protesten dat zij er hard voor gewerkt heeft halen niks uit en om van mijn schuldgevoel af te komen zoek ik bij de volgende notenboom een zak vol walnoten bij elkaar om hiermee op mijn beurt haar een plezier te doen. Maar mijn favoriet was de “Welcome to Azerbeidjan, Land of Fire!”-jongen die gefrituurde deegballen verkocht op de bus en ons in één moeite door een van zijn gloeiendhete producten toestopte. De meeste mensen kijken enigszins stug, maar als je ze eenmaal aanspreekt verandert dat in een grote glimlach. Iedereen lijkt immens geïntrigeerd wat je als Westerse toerist, buiten de hoofdstad een zeldzaamheid, van het land vindt. De kletspraatjes weerhouden de taxichauffeurs er overigens niet van om je keihard een poot uit proberen te draaien als er geen goede prijsafspraak is gemaakt, maar wat kan je anders verwachten in een van de meest corrupte landen ter wereld.

Sovjetpark, best park!

Sovjet park, best park!

Mogelijk is de gastvrijheid van de Azeri’s direct gerelateerd aan het gebrek aan toeristen. Inclusief de Europese Olympische Spelen had het “Land of Fire” deze zomer namelijk slechts 47.500 toeristen (ter vergelijking, Amsterdam alleen heeft er vijf miljoen op jaarbasis.) Het vliegtuig zit dan ook maar voor een derde vol. Azerbeidzjan kom je namelijk niet zomaar in, je moet eerst een visum aanvragen, met behulp van een uitnodigingsbrief uit het land zelf, en als je het vervolgens waagt om langer dan 10 dagen te blijven moet je je registreren bij de politie. Dit werd door een aldaar wonende Zwitserse vriend afgehandeld, die heel netjes een mailtje in het Azeri terugkreeg dat hij mij overhandigde. Toen ik dit bij het uitreizen overdroeg aan de grenscontrole bleek hier echter in te staan dat er andere gegevens opgestuurd hadden moeten worden, en werd mij doodleuk gevraagd 300 Euro te betalen. Een Azerbeidzjaans maandloon neertellen vond ik een beetje extreem en ik probeerde de douaniers er dan ook van te overtuigen dat ik echt mijn uiterste best had gedaan en er weinig aan kon doen dat ik het Azeri niet machtig was. Helaas zette dit geen zoden aan de dijk en restte mij weinig anders dan overtuigend een potje te gaan zitten huilen, wat op 3 uur slaap niet zo heel moeilijk was. Na enige tijd een scene geschopt te hebben sloeg de gêne toe bij de douaniers en kreeg ik keuze 2 voorgelegd: voor een jaar Azerbeidzjan niet in mogen, wat mij niet alleen een goede keuze leek maar toevallig ook volledig overeenkwam met mijn plannen voor het komende jaar. Verkeerd ingeschat jongens! Als jullie 50 Euro hadden gezegd had ik meteen mijn portemonnee getrokken. Optie 2 werd overigens zonder discussie voorgelegd aan de niet-West-Europese mensen die voor mij in de rij stonden, realiseerde ik mij later. Na het ondertekenen van ettelijke documenten (uiteraard alleen in het Azeri) werd er naar de gate doorgebeld dat ondergetekende gedeporteerd werd en had Azerbeidzjan daarmee alweer een primeur te pakken.

8 thoughts on “The Land of Fire, en hoe Marije gedeporteerd werd uit Azerbeidzjan

    • Dank Mia 🙂 Er was nogal wat waar te nemen in dat land, ondanks het gebrek aan toeristische high lights

  1. Wat een schitterend verslag. Voor een thuisblijver als ik ben geeft dit verhaal een uitstekend inkijkje in een land waar ik hoogstwaarschijnlijk nooit zal komen. Dank hiervoor Marije.

    • Dank voor de complimenten! Hoop niet dat ik het aantal toeristen hiermee nog verder heb teruggeschroefd 🙂

  2. Interessant verslag Marije, verwonderlijk land dat Azerbaidzjan.
    Voor wat betreft die Sovjet-dingen: ik herinner mij in die dagen dat ik er was (Rusland en Oekraïne) een plek waar de waterkraan links met rode knop koud water leverde en de rechtse met blauwe knop gloeiend heet water.
    Wat dat betreft heb je met tandenpoetsen mogelijk geluk gehad!

    • Oekraine ook al! Toe maar, daar ben ik nog nooit geweest. Ik heb het idee dat het nog niet veel veranderd zal zijn sinds jij het aan hebt gedaan. Ook hun waterkranen zitten soms nog steeds verkeerd om.

    • Léa dit :Salut j’ai un iphone 4 avec une version 5.1 de itunes. Je l’ai jailbreaké mais pour le désimlock je n’y parviens pas et ça m’enerve un peu parce que je l’ai fais une bonne dixène de fois. Si vous pouviez répondre, et m’expliquer, merci.

    • " Fine. The shittiest 23 countries"not looking for the shittiest, looking for the BESTthe premise seems to be that smaller, less intrusive govts produce the better economies.so I'm asking for some examples.are there no good examples of countries with less govt with better economies as a result?

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *